zaterdag 1 april 2017

Lentebal hoofdstuk 16

-16-

Murk is na een lange dag vol bier en zon moe thuisgekomen en even op bed gaan liggen.
Hij is in een roerige droom beland waarin tot zijn teleurstelling ook deze keer weer geen woelige verwikkelingen met gewillige vrouwen voorkomen.
Het visioen vormt slechts een afspiegeling van de dag die achter hem ligt.
Murk zucht. Hier zullen zijn op sensatie beluste lezers niet al te blij mee zijn.
Hij ontwaart Karel Nooitgedacht die, gehuld in een hermelijnen mantel en getooid met een monsterlijke, uit vergulde blikken DenDoolaard bier vervaardigde kroon, door de gangen van een kolossaal paleis marcheert.
Murk wordt geestdriftig verwelkomd en achtereenvolgens via lange gangen en hoge zalen, langs hoge gangen en lange zalen door het gebouw rondgeleid. Onderwijl vertelt zijn vriend hem over zijn huidige status en hoe hij die verworven heeft.
''Welkom in slot Hoogzwaangouw. Zoals je kunt zien, heb ik het aardig voor elkaar. Toen de nood hoog genoeg was, vroegen ze mij het land te redden. Vanzelfsprekend moesten ze mij als dank voor mijn inzet wel koning Karel I van Groot-Megalomania maken.''
Murk is een en al oor. Nooitgedacht beschrijft hoe hij, nadat hij aanvankelijk volkstribuun was geworden, de hand aan de wortels van de democratie heeft geslagen. Hij onthult vervolgens hoe de vrijheidsboom werd omgehakt en besluit zijn verhaal door te vertellen op welke manier hij naderhand de absolute macht heeft verworven.
''Ik ben een beweging begonnen en deed met een aantal trawanten mee aan de verkiezingen. Wij kwamen als beste uit de stembus. Vormden een voorlopige regering en mettertijd hebben we mijn tegenstanders een voor een uitgeschakeld. Daarop werd de grondwet buiten werking gesteld en bijgevolg zijn wij mettertijd tot koning uitgeroepen.''
Murk gniffelt nerveus over het gemak waarmee het pluralis majestatis van Karels dubbele tong rolt en laat zich lankmoedig naar de volgende zaal meetronen.
Aan het eind van de zoveelste gang die zij passeren, zwaait opnieuw een metershoge deur open.
De poort geeft toegang tot een enorme zaal, die door achtarmige kroonluchters in de vorm van octopussen wordt verlicht.
Langs alle kanten staan tientallen lakeien in bonte livreien opgesteld. Zij brengen hun heer en gebieder een saluut door hem met een in de rechterhand geheven glas, waar volgens Murk wel bier in zal zitten, massaal “Proost, Karel I!” toe te roepen.
Karel wenkt een van de dienaren en draagt hem op Murk naar zijn plaats te begeleiden.
Terwijl Nooitgedacht zich uit zijn mantel laat helpen en plaatsneemt op een reusachtige troon, die nog het meeste weg heeft van een gigantische kroonkurk, en een grote kristallen bokaal bier krijgt aangereikt, wordt Murk fluisterend door de page over de ten paleize vigerende protocollen ingelicht.
''Eerwaarde, mag ik u verzoeken wat geduld te beiden. Zo dadelijk zal de doorluchtige, Karel Tiberius Nooitgedacht, enkele poëmen voordragen. Neem uzelf in acht en zorg vooral dat u niet in slaap valt. Anders zult u slechts verbanning of erger wachten.''
Murk neemt een slok van het glaasje bier dat voor hem wordt neergezet en kijkt om zich heen.
Hij constateert dat bijna alle lieden die hij van de bankjes voor de Vondelkerk kent, zich in een kring rond de zetel van Karel de Prachtlievende hebben geschaard.
De koning-poëet begint luidkeels voor te dragen. Zijn stem wordt van alle kanten weerkaatst, zodat het lijkt of hij uit duizenden kelen spreekt. ''Deze gedichten heb ik tijdens de cursus Beeldend Schrijven gewrocht. De eerste twee draag ik op aan de vrouw die mij daar les gaf. Mijn Surinaamse muze der poëzie, Marcia.''

Beeldend schrijven
Gedichten groeien in mijn gedachten
Als de uit pure chocola geschapen
Lorelei der poëzie haar lokroep
Over de kale rotsen van de onontgonnen leerling galmt
Zij houdt mij bij de eerste les

Overspelig woordenspel
De neurotische linguïst gaat vreemd met taal
Speelt overspel met woordspelingen
Germaant den Duitser
Spietst Engels aan zijn pen
Taalt met Scandi's
Voert taalstrijd met Belgen
Parleert met Fransen
Babelt met Iraki
Srenang tongt met Suri's
Hablowt met Pablo's

Vibraties
Koortsachtig schrijven
Trillende haartjes in de long
Stoten de lucht naar buiten
In een rauwe kuch
Het hoofd gevuld met muziek
Good vibrations
Huiverende herfst
Bibberende blaren
Geen weer voor Beach Boys

Dichtbui
Er hangt een poëtische bui
Ergens boven mij
Die gaat wel weer over
Ik trek wel weer bij 

Spoordicht
De bomen zijn gesloten
De treinen rijmen zich aaneen
Wacht u tot het rode licht gedoofd is
Wellicht heeft de poëet
Nog een laatste woord

Nadat een schier oneindig aantal gedichten zich traag tot een rivier van rijm aaneen heeft geregen en de toehoorders gedurende vele uren moeite hebben moeten betrachten de indruk te blijven veinzen dat ze geen neiging hebben in slaap te vallen, komt er toch nog onverwacht een einde aan de mateloze poëzie sessie.
Karel kondigt de laatste twee gedichten aan die hij zal voordragen. Hij nodigt een ieder uit om na afloop met hem mee te komen naar een volgende zaal. Daar zal aanstonds het staatsbanket met bal na een aanvang nemen.

Goede voornemens
Een nieuwe lente
Een nieuw besluit
Twee ons groente
Drie stuks fruit

Narrigheden
De nar maakt de meest harde grappen
Lakeien grinniken zacht
Te luid gelach wordt beloond onthoofd
De koning ligt te rusten
De nar slaapt met de mooiste vrouwen

Oermenselijk gedicht
Sla de Kaninevaten aan
We hebben wat te Batavieren

De lichten worden feller. De deuren aan de andere einder van de zaal deinen open en bieden uitzicht op een nog grotere ruimte waar tientallen met damasten lakens gedekte tafels, die bijkans onder het gewicht van de brokaten kleedjes, het zilveren bestek, Chinees servies en fonkelend kristal doorbuigen.
Murk blikt om zich heen en stelt verbaasd vast dat het gezelschap waarin hij zich bevindt veel uitgebreider is dan hij zich tot nu toe had gerealiseerd.
Hij ontdekt dat er nevens de Vondelgrachtvrienden nog heel wat meer bekende gezichten zijn.
Koning Karel doet een poging om op zijn eigen, enthousiaste wijze alle gasten bij elkaar te introduceren om hen vervolgens naar zijn of haar plek te begeleiden.
'Salve amico Silvio. Mag ik je aan Ruud Voordewind voorstellen. Ruud, dit kleine, dikke, koddige mannetje ken je ongetwijfeld als Il Duce van Italië, Burleskoni.''
Het bevriende staatshoofd loopt rood aan en protesteert luid tegen de verbastering van zijn naam. Karel maakt de belediging compleet door een bekende reclamedeun voor producten waar wel van gezegd wordt dat ze in de Italiaanse keuken altijd van pas kunnen komen, te zingen.
''Berlesconi, Burleskoni, Buitonieeeeeeeee.''
Er wordt een volgende regeringsleider met eenzelfde, tegen alle etikette indruisende behandeling tegemoet getreden.
''Kijk eens wie we daar hebben. Nicolas, dit is Harry Spaan, Harry, Nicolas.''
''Sarkootje, Sarkootje, Peugeootje, Renaultje, Sarkootje Sarkooooooooooootje uit Madurodam.''
De helft van de aanwezigen is ondertussen al door Karel op hun plaats gezet. De overigen lopen nog naarstig speurend langs de tafels op zoek naar een kaartje met hun naam.
Karel dedaindert lustig over het resterende deel van de ambteloze, gekroonde, gekozen of door een coupe d'état aan de macht gekomen gasten heen.
''Bij Jupiter Lapis. Als ik katholiek zou zijn, was ik alleen al voor Ratzinger de kerk uitgegaan. En als we daar Jacob Zuma niet hebben. Wat leuk dat je toch nog kon komen. Hi Chavez, wilde je de Megalomaanse Antillen nog hebben. Dan moet je toch eerst beter leren pokeren om ze van mij te kunnen winnen. Marhaba! Abbassi, waar is Adriaan. Nee, geef maar geen antwoord. Die kwam natuurlijk niet langs die roadblocks bij de Westoeverbarrière. Jodelahiti Netanyahu, joehoe, ga gezellig naast Mahmoud hier zitten. Jullie kennen elkaar toch?''
Het lukt Malcolm McLaren, de president van de Anglo-Schotse republiek, wonderwel een soortgelijke bejegening te ontlopen door snel naast Eddy Dubois te gaan zitten.
Tegenover hen zitten Vincent Twijgzang en Ulrich von Habsburg, Kanselier van Oostenrijk, broederlijk schouder aan schouder.
Karel slaagt er hoegenaamd moeiteloos in de identiteit van alle leiders van de Balkanstaten door elkaar te halen. Hij weet zijn misvatting evenwel handig te maskeren door hen een voor een als de nieuwe president van Kloatië te presenteren.
Als hij daarna tot ieders verbazing kans ziet Bobby Fischer, koning van het vorstendom IJsland tot een schaakmatch uit te dagen, is zijn positie sterker dan ooit.
Murk dwaalt nog een tijdje door de zaal en ziet hoe Nooitgedacht op de voormalige kroonprins van Megalomania, die in een hoek achter een pilaar staat, afstapt en is nog net op tijd om te horen hoe Karel de zoon van zijn voorgangster bij de feestelijkheden probeert te betrekken.
''Hé, Alex. Jij vindt toch ook dat gekleurde landgenoten hier eigenlijk niet thuis horen?''
De eertijds beoogd troonopvolger reageert geschokt op de uitlating, maar weet zich zeer politiek correct in te houden.
''Alle inwoners van Megalomania zijn ons even lief.''
Karel rolt hard lachend over het gedeelte van de vloer van de zaal dat vrij is gehouden om na afloop van het diner ruimte bieden aan het thé dansant en legt zijn misplaatste grap uit.
''Nee, lul. Ik doel natuurlijk op de Oranjes!''
Even verderop staan Vladimietje Poetin en Dmitri Medvedev te praten. Karel snelt op hen af en klopt de heren simultaan op de schouder.
''Hé, Anatoljevitsj, Vladimirovitsj. Mag ik even aftikken. Het dansen begint pas na het staatsbanket.''
Bijna iedereen is nu aan de juiste tafel gezeten. Karel rücksichtslost nog wat kreten, die door zijn collega's wellicht als smaad zouden kunnen worden opgevat.
Moammar Abu Minyar al-Qadhafi van Groot-Fenicië laat zich niet uit de tent lokken. Karel loopt naar zijn volgende slachtoffer.
''Hé, Desi. Dit is nou Julio. Hij houdt ook erg van dat whitepowerpoeder. Daar heb je vast nog wel wat van bij je voor de bunga bunga-party straks na afloop. Kim, wat mieters dat je helemaal speciaal voor mij zo'n treinreis hebt gemaakt. Welbeschouwd ligt Noord-Korea niet echt naast de deur.''
Op Ludwig Friedrich Wilhelm von Heineken van het koninkrijk Beieren na hebben allen nu een plek gevonden. De lakeien beginnen bedrijvig met dampende schalen aan te lopen en aanvaarden welhaast nog actiever de terugtocht.
In de hoek van het bakstenen universum van Nooitgedacht begint een orkestje zachtjes te spelen. Weldra is het intro overgegaan in een lied dat door Karel kortweg als Hallo Koning Onbenul van Jules met de korte achternaam wordt aangekondigd.
Er zijn toch nog een flink aantal genodigden die de schimpen van de soeverein weten te vermijden. De rest van het gezelschap moet gedwee toestaan dat Nooitgedacht hun goede naam over de hekel haalt.
De laatste invitédo's arriveren en hebben deze brute handelwijze van Ooitgedacht - zoals de bijnaam van Karel inmiddels onder zijn intimi luidt – ondergaan.
Na een korte speech van Nooitgedacht kan iedereen aan de uitgebreide dis beginnen. Deze overtreft alle geneugten die hemel, aarde en hel plegen te bieden.
Dan ziet Murk uit zijn ooghoek nog iemand naderen.
Op het moment dat Sultan Osama Bin Laden van het Kalifaat Arabië de gedroomde monarch van Megalomania in de armen wil sluiten, schrikt Murk zwetend wakker. Hij staat op om iets te eten klaar te gaan maken.

 











Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen